Vrienden van de Streektaal Lochem

Archief Streektaal in ‘t nieuws

Hekkebekken en wuilen voor Nedersaksisch


Het CDA in de Kamer wil dat het kabinet een knoop doorhakt over de hoogste erkenning voor het Nedersaksisch. Het Nedersaksisch moet op gelijke voet komen met 't Fries. Het CDA maant tot spoed.


door Anne Boer


anneboer@destentor.nl


De Stentor, 1 maart 2012


DEN HAAG - Er komt een nieuw offensief om de streektaal Nedersaksisch te redden. CDA-Kamerlid Eddy van Hijum wil dat het kabinet snel beslist over een hogere status voor deze taal. Hij stelt de kwestie aan de orde in vragen aan minister Liesbeth Spies van Binnenlandse Zaken.

Al twee jaar ligt op haar ministerie het verzoek van vier provincies en twee gemeenten om in Brussel een hogere status te vragen, waarmee het Nedersaksisch op hetzelfde niveau moet komen als het Fries. Die erkenning betekent dat behoud en bescherming van de taal minder vrijblijvend wordt en er Europese fondsen beschikbaar komen om de taal te stimuleren. „De erkenning van streektalen door het rijk kan bijdragen aan een positiever imago en stelt overheden in staat de talen beter te beschermen. Het kan dus bijdragen aan het behoud van de streektalen, hoewel uiteindelijk de trots van mensen op hun eigen taal en cultuur daarvoor doorslaggevend zal zijn", zegt Van Hijum. Het Nedersaksisch voldoet ruimschoots aan de Europese normen, maar de initiatiefnemers zitten nog steeds met lege handen. Van Hijum eist daarover opheldering van minister Spies, „Het duurt allemaal veel te lang", vindt Van Hijum. „De aanvragers worden er een beetje moe van. En bovendien is het ook niet netjes."

Bescherming van het Nedersaksisch is volgens de initiatiefnemers nodig omdat de taal van de ondergang te redden. Veel mensen beheersen het weliswaar, maar steeds minder mensen spreken de taal. Dat is hooguit nog twintig procent van de volwassenen in het taalgebied. Bij kinderen ligt het percentage onder de vijf procent. De lobby voor opwaardering van het Nedersaksisch is tot dusver vooral gevoerd door stichting Sont, de overkoepelende organisatie van ruim twintig instellingen die zich in brede zin bezighouden met de streektalen in het Nedersaksisch taalgebied. En Van Hijum zelf? Hij beheerst het Fries en staat jaarlijks samen met een dorpsgenoot op de planken voor het nieuwjaar cabaret in zijn dorp. „Hij maakt de grappen (in het Sallands) en ik speel gitaar. De voorstelling die we in januari opvoerden, heette 'Met de batse d'r uut'. Nedersaksisch dus."



Respect voor minderheden


Het Europees Handvest ter bescherming van de minderheidstalen, dat door 22 lidstaten is ondertekend, gaat er vanuit dat de Europese democratie vooral floreert wanneer er respect en bescherming is voor minderheden. Tot die minderheden worden ook de taalminderheden gerekend.

•Volgens de Europese Commissie draagt beheersing van de streektaal bij aan de verbondenheid van mensen met een bepaalde streek of gebied.

•Veel regiotalen verdwijnen door verdringing door de nationale standaardtaal, terwijl die op zijn beurt door moderne communicatiemiddelen en toegenomen interregionale mobiliteit steeds vaker wordt vervangen door het Engels.

•In vijf bondslanden hebben de Nedersaksische streektalen al de hoogste erkenning



Van Grunningen tot Achterhook


Nedersaksisch is een grote taal in Nederland. Ze spreken het in Groningen, in Drenthe, in Overijssel, in Gelderland en zelfs in de Friese gemeenten Oost- en West-Stellingwerf. En dan in dialecten, zoals Sallands, Achterhoeks, Veluws, Elspeets, Urks, of Twents. In 1998 kreeg het Nedersaksisch voor h
et eerst officieel de erkenning als streektaal. Vanaf 2004 loopt er een serieuze lobby om die status op te krikken tot de top van de streektalen, het zogenaamde deel 3 van het Europese Handvest voor Streek- en Minderheidstalen, waartoe ook het Fries behoort. In opdracht van de provincies, waar het Nedersaksisch in allerlei varianten wordt gesproken en geschreven, deed de Rijksuniversiteit Groningen onderzoek naar de haalbaarheid van het verzoek. Want, dat is voor alle initiatiefnemers wel duidelijk, het moet geen bakken met geld gaan kosten en op allerlei gedoe met regeltjes en zo zit ook niemand te wachten. De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat moeiteloos kan worden voldaan aan de spelregels. Twee jaar geleden leidde die uitkomst tot een officieel verzoek bij de toenmalige staatssecretaris Ank Bijleveld, voorheen burgemeester van de Hof van Twente en nu commissaris van de koningin in Overijssel. Vervolgens bleef het stil. De betrokken provincies en gemeenten stuurden vorig jaar een brandbrief naar het kabinet waarin om opheldering wordt gevraagd. Het kabinet liet weten dat er eind 2011 meer duidelijkheid zou komen. Mocht het verlossende antwoord nu na tussenkomst van Kamerlid Eddy van Hijum toch nog snel komen, dan gaat bij stichting Sont de vlag uit. „Dan kan het binnen een jaar allemaal rond zijn en kunnen we aan de slag. We hebben ideeën genoeg om het Nedersaksisch via onderwijs, overheden en cultuur te stimuleren", zegt secretaris Hans Metz van Streektaalorganisaties Nedersaksisch Taalgebied (SONT). Dat het allemaal zo lang duurt, kan hij nog wel enigszins begrijpen. „Er zijn vijf ministeries bij betrokken, van binnenlandse en buitenlandse zaken tot justitie en onderwijs."



Op gelijke hoogte met het Fries


Als het Nedersaksisch status 3 van Europa krijgt, komt de taal op gelijke hoogte met het Fries. Dan mag het bijvoorbeeld worden gebruikt in overheidsdocumenten, in de rechtspraak en in het onderwijs. Volgens secretaris Hans Metz van Stichting Streektaalorganisaties Nedersaksisch Taalgebied (SONT) is het niet de bedoeling het zover door te voeren als in Friesland. „Er zullen van allerlei activiteiten worden gehouden om het gebruik van de taal te stimuleren, maar ik verwacht geen plaatsnaamborden met dubbele aanduidingen."


Terug