Vrienden van de Streektaal Lochem

Archief Streektaal in ‘t nieuws

'Dromen doe ik zelfs in dialect'


Al is het Achterhoekse dialect vooral populair bij de oudere generatie, toch is er een twintiger uit Aalten die in haar streektaal schrijft.


door Wilco Louwes


De Stentor, 5 maart 2012


Zij, het 'jonge broekie', is 28 jaar oud en komt uit Aalten. Hij, de 'oude rot', is de tachtig gepasseerd en woonachtig in Eibergen. Maar beide hebben in ieder geval één ding gemeen: ze zijn verzot op het Achterhoekse dialect. Zaterdag - bij de aftrap van de week van het Achterhoekse en Liemerse boek in zalencentrum Kerkemeijer in Borculo - droegen Kämink en Kemink hun bijdrage aan Flonkergood voor. Het boekje wordt deze week gratis verstrekt bij de aankoop van tien euro aan streekliteratuur. 't Veur in de Hielde, zoals het verhaal van Wim Kemink heet, blijkt hogere wiskunde voor de leek op het gebied van het Achterhoekse dialect. Het is dan ook niet voor niets voorzien van een woordenlijst waarin begrippen als veuledink en estemeren in wat duidelijker Achterhoeks worden uitgelegd. „Ze vroegen me om een stukje in het dialect te schrijven", legt Kemink zijn aanwezigheid in onvervalst plat uit. „Dat leek mij wel leuk. Vroeger schreef ik veel vaker, hoor, maar nu ik een dagje ouder ben doe ik het wat rustiger aan." Ook de Aaltense Esther Kämink schrijft niet consequent een verhaal in dialect. „Het is maar net wanneer ik er zin in heb. En als ik inspiratie heb schrijf ik juist wat meer." Voor boekenweekgeschenk Flonkergood schreef Kämink 't Lot, een verhaal over een man die in 1912 een winnend lot voor een reis met de Titanic van een straatjongen pikt en daarmee dus onwetend zijn lot (de Titanic zal immers zinken) tegemoet gaat. Kämink: „Van huis uit praten we altijd in dialect. Ik ben niet anders gewend. Ik praat, denk en droom zelfs in het Achterhoeks, net zoals een Duitser dat in het Duits doet. Daarnaast heb ik schrijven ook altijd leuk gevonden om te doen." Daarmee is Kämink begonnen toen ze ongeveer twaalf jaar oud was. „Ik dacht: waarom zou je niet schrijven in je eerste taal? Want zo zie ik het Achterhoeks. Omdat het toen heel moeilijk was om te weten hoe je Achterhoekse woorden spelt, heb ik het gewoon opgeschreven zoals je het uitspreekt. Later is dat allemaal beter geworden." Met haar voordracht mag de 28-jarige Esther Kämink zich deze middag de jongste streektaalschrijf ster in Kerkemeijer noemen. „Je ziet inderdaad wel veel grieze köppe", moet ze bekennen. „Of dat jammer is? Ik denk dat er niet veel tegen te doen is. Het is wel jammer dat steeds minder jonge mensen de taal van hun streek spreken, maar misschien is het ook wel te hoog gegrepen om te proberen die streektaal in stand te houden. Door de jaren heen verandert taal telkens, dat zie je wel aan het gewone Nederlands. En het is ook heel moeilijk omdat het dialect per plaats kan verschillen. Bij ons in Aalten praten ze al weer anders dan een paar kilometer verderop in Dinxperlo."


Terug