Vrienden van de Streektaal Lochem

Archief Streektaal in ‘t nieuws

Dialectwoord 'Pieneköttel' maakt de tongen los


door Henk Harmsen


De Stentor, 21 december 2012



GRONINGEN/WINTERSWIJK   -   Oud-Winterswijker Wim ten Damme (78) stuurde 'wel een halfjaar geleden' pieneköttel in voor de verkiezing van het mooiste dialectwoord door het NCRV-programma Plein 5. Hij was dat al haast weer vergeten, totdat zijn woord deze week eerste werd in de verkiezing. In het tijdschrift Onze Taal, waarvan hij abonnee is, las Ten Damme een oproep van het Meertens Instituut. Hij herinnerde zich hoe vroeger in Winterswijk een man die goed in de slappe was zat maar bij een collecte nauwelijks iets kon missen, een pieneköttel werd genoemd.

Op 26-jarige leeftijd vertrok Ten Damme, - vader van zangeres/ actrice Ellen ten Damme - uit zijn geboortedorp. Door zijn werk bij het Bouwfonds Nederlandse Gemeenten kwam hij na diverse verhuizingen in Groningen terecht. Maar hij spreekt het Winterswijkse dialect nog altijd uitstekend. Direct na de bekendmaking van het winnende woord kwamen van alle kanten reacties op de aangegeven betekenis 'zuinig persoon'. Zo meldt Hans den Boef uit Vorden dat het ook iemand kan zijn die niet tegen zijn verlies kan. Letterlijk is het iemand die moeilijk kan poepen. Dialectonderzoeker Lex Schaars van het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers in Doetinchem heeft in Oost-Gelderland en omgeving nog tal van andere betekenissen opgetekend: kinderachtige, flauwe vent; iemand die gauw beledigd is; man die graag praat over de pijntjes die hij denkt te hebben; al te voorzichtig iemand; droogstoppel; vrek; zeurpiet; zeurkous; kleingeestig schriel mens; kleinzerig persoon. Het woord is bekend tot in Drente (als pienekeutel) en Westmunsterland. Op de Veluwe kan het ook een preutse vrouw zijn. In Varsseveld is het werkwoord pieneköttelen opgegeven voor zeuren, zaniken, drammen. Schaars: „Ik krijg de indruk dat het bij ons in de streek vooral van toepassing is op mannen; de betekenissen zijn niet erg vleiend."


Terug